PostHeaderIcon Cultureel- en relaxtverantwoord!

We zijn op 10 november met de bus naar Brisbane gegaan, omdat dat toch wat goedkoper was dan onze hippicamper te parkeren in de grote stad. We hebben een cultureel verantwoord rondje van ongeveer 5 km door de stad gelopen. Zo zagen we het stadshuis waar we een mooi uitzicht hadden over de stad; we gingen naar een mode expositie van Aussie ontwerpers; zagen we de oudste en saaiste kathedraal van Brisbane (jaja: oud is hier jong voor ons: 1874); knuffelden we bomen in de Botanische tuin en bezochten we een enorm modern museum met kunstgras als kunst. Omdat we er nog niet genoeg van hadden gingen we met de ferry over de rivier naar de andere kant om nog een museum te bezoeken (allemaal gratis trouwens). Gelukkig hadden ze daar cappuccino met scones, dus we moesten even uitrusten.

Omdat we alles hadden gezien in Brisbane, besloten we de volgende dag naar Byron Bay te rijden. Byron Bay, waar je valt over de surfdudes en hippies en waar je, volgens de Lonely Planet, op je blote voeten kan boodschappen doen, omdat iedereen er zo vreselijk relaxt is. Nou, dat klopte. Wat een heerlijk plaatsje! Leuke winkeltjes, veel organische muffins en shakes en een prachtig strand om te surfen! We stonden met de camper ongeveer op het strand en genoten van het uitzicht. In Byron Bay hebben we niet alleen aan de organische drankjes gezeten, we hebben ook kliffen beklommen voor het mooie uitzicht vanaf de vuurtoren. We keken vanaf het meest Oosterlijke puntje over de baai van Byron en zagen de dolfijnen onder ons achter vissen aan gaan. Heel erg idyllisch klinkt dit. En dat was het ook, vooral met een Hokey Pokey ijsje (honing ijs) in de hand die we ons als beloning voor de klim hadden gegeven. De golven zagen er wat te wild uit voor ons als beginnende surfdudettes, dus we zijn gaan zwemmen, zonnen, boekje lezen... Afgesloten met een BBQ op de camping. Jaaaa, het leven was goed in Byron Bay!

De volgende dag moesten we echter vroeg op, omdat we 600 km wilden rijden naar Newcastle. Helaas bleek dat een te ambitieus plan omdat Australie eigenlijk nog erger is dan Nederland: gewoon overal wegwerkzaamheden! We reden op de pacific highway naar het Zuiden, waar je 100 mag, behalve in de vele dorpjes waar je doorkomt. En dan dus al die lollypop-mannetjes die hun bordje met "slow" of "stop" gebruiken alsof dat het doel in hun leven is. (We hebben gehoord dat mensen die lollypopman worden er zelfs een cursus voor moeten doen en dat het niet slecht verdient). We moesten onderweg ook nog stoppen bij "The big banana", een grote banaan waar je mee op de foto kunt. Ook was er een grote winkel met alleen maar bananensouvenirs, van bananenkurkentrekkers tot puzzles, etc. We kregen ondertussen wel zin in echte bananen, maar die hadden ze niet! Gelukkig vonden we die verderop langs de weg bij een boertje. Uiteindelijk strandden we in Forster, en reden we de volgende dag naar Newcastle via The Lakes Road, langs (je raadt het al) de mooie meren van Forster.

In Newcastle parkeerden we de camper op de camping en gingen met de ferry over naar het centrum. Het was erg rustig in de stad en de winkels waren dicht op zaterdag, dus we gingen naar het strand. Daar was iedereen te vinden! We probeerden te zwemmen in de hoge golven, maar na bijna onze bikini verloren te hebben gingen we maar weer zonnen en ons boekje lezen. Het leven was hier ook weer bijzonder zwaar, vooral toen we de dag afsloten met wat lekkere biertjes op een terras. Op de camping werden we meegevraagd door Australiers naar de lokale en enige pub die binnen een uur sloot. Dat vonden wij niet zo'n aantrekkelijk plan en gingen onze tanden poetsen. Helaas kwamen de Ozzies na 2 uur terug en ontdekten ze dat we 1 raampje hadden opengelaten waardoor ze bijna naar binnen konden klimmen om ons te overtuigen om wat te komen drinken. Wij waren niet zo dronken als zij, dus vonden het wederom allemaal niet zo aantrekkelijk. Het was nog lang rumoerig rondom de camper, maar oordoppen helpen een hoop!

Wij hebben ons hier trouwens niet zoveel af te vragen in Australie, omdat het erg Westers is. Toch blijven er wat prangende vragen achter waar jullie ons misschien mee kunnen helpen:
- Wat is het Nederlandse woord voor Outback?
- Draait het water in Australie echt de andere kant op als het wegloopt in het putje? Het loopt hier linksom; dus tegen de klok in weg. Willen jullie misschien op het Noordelijk halfrond even kijken of het bij jullie met de klok meeloopt?
- En dan voor de autokenners: Is een Opel in Australie een Holden? En waarom hebben busjes een spiegel achterop de bus waarmee je in je achteruitkijkspiegel in je achterbak kan kijken? Omdat je dan met je achteruitkijkspiegel in de achterbak kan kijken of om een andere reden?